Eenzaamheid heeft vele gezichten. In deze serie persoonlijke verhalen vertellen Groningers over hun eenzaamheid en hoe ze daar mee omgaan.

Bastiaan van Nieuwstadt (51) - ,,Ik durf nu af en toe te zeggen dat ik gelukkig ben’’

Bastiaan van Nieuwstadt uit Groningen ging door een diep dal van drank, huidkanker en een burn-out. Hij heeft, zoals hij het zelf omschrijft, jarenlang slecht voor zichzelf gezorgd en daarin eenzaamheid ervaren. ,,Ik leefde in een wereld van dure horloges, bonussen en snelle auto’s. Daarin ben ik mezelf kwijtgeraakt, maar ik durf gelukkig nu af en toe te zeggen dat ik gelukkig ben.’’

Als jongen, geboren in Groningen (1969), opgegroeid in Ezinge, had hij een droom. Bastiaan wilde acteur worden. Op de Jenaplan-school in de Groningse wijk Lewenborg maakte hij voor het eerst kennis met het toneel en ook in zijn middelbare schooltijd acteerde hij graag. Hij wilde naar de regieschool in Amsterdam, maar die wees hem af. ,,Dus ging ik maar rechten en later geschiedenis studeren’’, zegt hij lachend.

,,Ik schreef in die tijd columns voor het blad Intermediair voor Starters over mijn eigen belevenissen op de arbeidsmarkt. Ik tikte die stukjes op een computer en raakte daardoor geïnteresseerd in de techniek. Zo liet ik voor de lol mijn Windows 95-computer crashen en bouwde die dan weer op. Ik vond het magisch en raakte gefascineerd door de mogelijkheden van de computer.’’

Bastiaan belandde bij een toonaangevend automatiseringsbedrijf en klom van desktopmedewerker op tot salesmanager. Hij werd in het diepe gegooid, maar bleef drijven. ,,Dat ging helaas wel ten koste van mijzelf. Ik kreeg salarisverhogingen, bonussen en had enorm veel ambitie. Iemand die graag acteur had willen worden, zat in één keer in een hem vreemde wereld vol leaseauto’s, rondvliegend testosteron en targets. Maar die wereld paste helemaal niet bij mij. Ik speelde bijna dagelijks een rol.’’

Het was ook de periode waarin hij meer begon te drinken. ,,Ik moest meedoen met de big boys, werd geacht klanten mee uit eten nemen, ze te fêteren en op zakenreizen was ik de entertainer en daar hoorde een borrel bij. Ik vond het leuk om bastopdrachten te scoren en geld te verdienen voor het bedrijf. Ik merkte wel dat het niet goed voor me was, maar ja, ik deed mee aan een rare wedstrijd.’’ 

De druk werd hoger en hoger en zijn drinkgedrag problematischer. ,,Ik hing van stress aan elkaar en kon daar voor mijn gevoel nergens mee naar toe, want dat zou gezien worden als zwakte. Dat wilde ik niet. Totdat ik mezelf op een bepaald moment terugvond in mijn bed, in foetushouding, uitgeput. Ik had een forse burn-out te pakken.’’

Hij voelde zich mislukt, ellendig en erg eenzaam. De schaamte was groot en het wisselen van baan in dezelfde sector was achteraf geen gelukkige keuze. Tot overmaat van ramp ontdekte Bastiaan in die periode een kwaadaardige moedervlek op zijn rug die een lang herstel vergde.

,,Er ging medisch van alles mis en dat deed geestelijk veel met me. Ik voelde me alleen, was verdrietig, vertrouwde mijn lijf niet meer.’’

Hij is in die tijd veel vrienden kwijt geraakt, zegt hij. ,,Mensen zeiden na een lange en lastige revalidatie van meer dan een jaar: ‘Je bent nu toch genezen verklaard?’ Ik werd niet begrepen, kreeg het advies dat ik weer aan het werk moest gaan. Dan zou het allemaal over gaan. Dat was natuurlijk niet zo.’’

Voor Bastiaan betekende het een lange periode van ultieme eenzaamheid. Het verlangen naar iets wat er niet was, geen echte verbinding krijgen met anderen. 

Sinds twee jaar is de kentering ingezet onder meer met de hulp van een therapeut. Zijn wekelijkse gesprekken met zijn psychologe geven hem het inzicht dat hij minder gericht moet zijn op externe prikkels. En dat hij beter voor zich zelf moet zorgen en van zichzelf moet leren houden. Hij kookt, eet gezond, is gestopt met drinken, wandelt, mediteert, zwemt en doet aan yoga. ,,Ja het gaat nu goed met me. Wat ik alleen erg mis is ‘het houden van’; liefde krijgen, maar vooral ook liefde geven. En mijn ambitie om te werken? Ik ga binnenkort eens kijken bij een vrijwilligersorganisatie en wie weet pak ik het schrijven wel weer op.’’

bastiaan