Eenzaamheid heeft vele gezichten. In deze serie persoonlijke verhalen vertellen Groningers over hun eenzaamheid en hoe ze daar mee omgaan.

Jan Lucas Oldenburger (61) - ,,Er is altijd die onrust dat ik niet precies weet hoe het thuis gaat’’

Het leven van de Groningse zakenman Jan Lucas Oldenburger (1959) is bepaald geen standaard bestaan. Al ruim dertig jaar vliegt hij de hele wereld over, zijn vrouw en twee kinderen in Nederland achterlatend. ,,Ik heb bij de KLM samen met 350 andere Nederlanders de hoogste vliegstatus. Of ik daar trots op ben door al die CO2-discussies? Nee, zeker niet, maar ik handel in oud papier en dat doe ik nu eenmaal over de hele wereld’’, luidt zijn uitleg.

Het vele reizen, vooral richting het Verre Oosten, klinkt fantastisch, maar heeft zeker een eenzame schaduwzijde, erkent Jan Lucas. Het alleen zijn, zo ver weg, vindt hij op zich geen enkel probleem, maar wel zijn altijd knagende ongerustheid over het thuisfront. Of noem het schuldgevoel. ,,Thuis is mijn alles en er is steeds die onrust dat ik niet precies weet hoe het daar gaat. Gaat het goed met mijn vrouw, met mijn dochter, mijn zoon, met ons bedrijf, met mijn broers, met mijn moeder. Ja, die zorg houdt me wel eens uit mijn slaap als ik ver weg in een hotelkamer lig.’’ 

Jan Lucas weet niet beter dan dat hij met de regelmaat van de klok zijn koffer inpakt om op zakenreis te gaan. Dat deed hij al voordat zijn oudste kind 31 jaar geleden werd geboren. Eerst zat hij meestal in Europa en daardoor was het eenvoudiger om tussendoor in de weekenden thuis te zijn. Maar sinds twee jaar is hij zakelijk aangewezen op China, Amerika, Maleisië, Thailand en die reizen duren meestal een stuk langer. Zijn buitenlandse collega’s noemen hem wel gekscherend ‘de Vliegende Hollander’.

,,Die enorme afstand beklemt me af en toe en dan voel ik me schuldig. Afhankelijk van mijn gemoedstoestand lig ik daar over na te denken. Als er thuis iets ernstigs gebeurt, weet ik dat het zeker zestien uur duurt voor ik daar kan zijn. Ik weet niet of die gedachten nu meer komen, omdat ik ouder word.’’

Het woord eenzaamheid had hij niet meteen aan zijn onrust gekoppeld, tot hem er naar werd gevraagd. In zijn eerste reactie spreekt hij het vermoeden uit dat zijn vrouw Aletta veel eenzamer zal zijn. ,,Ik kom constant in een nieuwe wereld met nieuwe mensen en zij blijft in haar eentje achter in de dagelijkse sleur. Vroeger zat daar ook nog de dagelijkse zorg bij voor onze kinderen. Maar ze deed en doet dat echt allemaal geweldig en daarom kan ik dit werk, waar ik zo van hou, op deze manier doen.’’ 

Maar als hij er iets meer bij stil staat kan hij niet ontkennen dat het ‘onprettige gevoel’ dat hij ervaart, ver weg, alleen in zijn hotelkamer, te maken heeft met eenzaamheid. ,,Als er thuis iets speelt – en dan kan iets kleins zijn hoor – dan word ik onrustig en kan ik niet slapen. Dan bel ik wat vaker naar huis, maar ik zeg dan nooit waarom ik wakker lig. Ik ben niet zo’n prater over dat soort dingen. En bovendien wil ik Aletta en de kinderen daar niet mee belasten, want wat kunnen ze er mee. We hebben samen gekozen voor dit leven.’’

In deze coronatijd ziet het dagelijks bestaan van Jan Lucas er compleet anders uit. Hij is nog nooit zo vaak thuis geweest. Al ruim een half jaar geen vliegtuigstoelen, hotelkamers, verre vergaderingen en etentjes met klanten voor hem. Die zijn vervangen door talloze telefoongesprekken, videocalls en extra bezoeken aan hun buitenhuis in Friesland. Even geen schuldgevoelens meer over zijn slechte humeur door slaaptekorten na een lange reis, en ja Jan Lucas en Aletta moesten in het begin best aan elkaar wennen en eigen, nieuwe ritmes vinden.

Deze periode heeft hem wel aan het denken gezet, zo in de herfst van zijn werkzame leven. ,,Ik leg mijn ziel en zaligheid in mijn werk en hoop dat ook zeker nog een aantal jaren vol te houden. Er zal straks minder worden gereisd, dat weet ik zeker en dat is prima.’’ Door de gedwongen stilstand heeft hij ontdekt hoe fijn het is om niet steeds uit een koffer te leven. ,,Ik word nooit een bankzitter, ik ben ongedurig, móet bewegen en dingen doen, maar ik geniet er nu van om wat vaker bij mijn moeder langs te gaan, met onze jonge labrador een puppycursus te volgen, met ons gezin te zeilen, wat op te ruimen en weer eens wat oude elpees te draaien.’’ 

Hij betrapt zich er op dat hij zelfs af en toe durft te dromen over een leven na zijn pensioen. ,,Om dan samen met Aletta in goede gezondheid voor twee maanden in de auto te stappen richting Spanje. Het lijkt me geweldig.’’

Maar hij blijft realistisch: ,,Voorlopig heb ik nog een te grote verantwoordelijkheid voor ons bedrijf en onze klanten en blijft het hard werken. Hopelijk met iets minder reizen.’’